Instagram: Can’t stop me now. Goose is hard bezig @tivolivredenburg. #goose #utrecht #concert #jeugdvanvroeger

Can’t stop me now. Goose is hard bezig @tivolivredenburg. #goose #utrecht #concert #jeugdvanvroeger –
Instagram: Can’t stop me now. Goose is hard bezig @tivolivredenburg. #goose #utrecht #concert #jeugdvanvroeger
– %%text%%

Instagram: Hoornaars. Ze maken mooie huizen. #hoornaar #wesp #raten #achterhetluik #wespennest #verstopt

Hoornaars. Ze maken mooie huizen. #hoornaar #wesp #raten #achterhetluik #wespennest #verstopt –
Instagram: Hoornaars. Ze maken mooie huizen. #hoornaar #wesp #raten #achterhetluik #wespennest #verstopt
– %%text%%

Instagram: M’n ouwe bakkie opgelapt. 25 jaar oud en hij rijdt weer als een 🌞.

M’n ouwe bakkie opgelapt. 25 jaar oud en hij rijdt weer als een 🌞. –
Instagram: M’n ouwe bakkie opgelapt. 25 jaar oud en hij rijdt weer  als een 🌞.
– %%text%%

Instagram: Feestvarken droomt of snurkt. Of allebei. #zonnen #varken #birkshire #slapen

Feestvarken droomt of snurkt. Of allebei. #zonnen #varken #birkshire #slapen –
Instagram: Feestvarken droomt of snurkt. Of allebei. #zonnen #varken #birkshire #slapen
– %%text%%

Onderwijs: Deling van netwerkexpertise

Deling van netwerkexpertise

Binnen samenwerkingsverbanden, schoolbesturen en scholen zit veel expertise. In het kader van passend onderwijs doen we er goed aan deze expertise zo handig mogelijk te delen. Eerst binnen een school of bestuur en later kan dit worden uitgebreid naar het samenwerkingsverband of zelfs daarbuiten. Gonnie Boerma en Henk van der Pas zijn bezig met het opzetten van een systeem voor zoals zij het zelf noemen ‘Netwerkexpertise deling’.

Deling van netwerkexpertise

Vanuit de centrale vraag hoe te komen tot kennisoverdracht van expertise begint Van der Pas in zijn bestuur nu met het implementeren van een laagdrempelig systeem. “Eigenlijk kun je het vergelijken met hoe Zoover werkt”, zegt hij. “Je hebt expertise nodig en gaat op zoek naar wat het beste werkt, mede dankzij de feedback van anderen die je voor zijn gegaan.” Zijn pilotsysteem heet Expedu, dat staat voor Expert Netwerk Educatief. Het staat nu nog in een kinderschoenen. Maar de bedoeling is dat het gaat groeien en dat de expertise in elk geval in de eigen organisatie wordt gedeeld.

Expedu is een geautomatiseerd systeem. In de eerste plaats wordt op een laagdrempelige manier de expertise die aanwezig is inzichtelijk gemaakt. De leraar schrijft niet een pitch die vervolgens elders wordt gepresenteerd, maar maakt op een andere manier helder wat hij kan. Via inloggen in het systeem kunnen leraren precies aanvinken waar ze goed in zijn en wanneer ze te benaderen zijn door anderen met een passende hulpvraag. “Er zijn heel veel mensen die iets te bieden hebben voor anderen. Je staat bijvoorbeeld drie dagen voor de klas en je geeft aan goed te zijn in sociale veiligheid, en je wilt best andere scholen daarbij ondersteunen voor een dag in de week. Het zou gestimuleerd moeten worden om kenbaar te maken wie wat kan.” Als een directeur iemand zoekt die een interventie kan doen op sociale veiligheid, kan hij gemakkelijk iemand vinden en in contact komen. In onderling overleg en met de middelen die circuleren in de organisatie van het samenwerkingsverband kan iemand –bekostigd en wel- ingezet worden. Dat scheelt extern inkopen. De bedoeling van Van der Pas is om dit systeem door te trekken naar het samenwerkingsverband, als de pilot succesvol blijkt. Ook ZZP’ers kunnen zich overigens aanmelden.

Boerma heeft ook een middel om expertise te delen. “Jaarlijks heb ik een ontwikkelbudget. Mensen mogen zich met een plan inschrijven om er aanspraak op te maken. Ze krijgen een jaar de tijd om dat wat ze voor ogen hebben uit te voeren, met enkele tussentijdse evaluaties. Als dat na een jaar goed loopt krijgen ze nog een jaar. Dan moet het in principe geïmplementeerd zijn. Zo proberen we de kennis van binnenuit te vergroten.” Zaken die op de ene school goed gaan, worden als het nodig is geëxporteerd naar andere scholen. “Er was bijvoorbeeld een school die niet goed wist hoe ze het buitenspelen goed konden organiseren. Daar zijn we met een aantal collega’s waar dat wel goed liep heen gegaan. Zij hebben workshops gegeven en gesprekken over gevoerd.”

Boerma en Van der Pas signaleren dat we momenteel onvoldoende profiteren van de expertise die er aanwezig is. Het gaat hen daarbij niet eens om het wel of niet aanwezig zijn van financiële middelen, maar puur om het delen van kennis. “Als we gaan praten over financiën zoeken we de problemen buiten onszelf”, zegt Boerma. “Mensen moeten in onze ogen ergens hun goede ideeën neer kunnen zetten, maar ook door anderen gevraagd worden.”

 

Deeldrempels

Om het probleem bij de kiem te vatten hebben Van der Pas en Boerma bekeken wat de reden kan zijn dat het lastig blijkt om expertise over te dragen. Zij liepen tegen twee elementen aan.

 

  1. De inborst van de leraar zelf. Veel leraren vinden het lastig om op het podium te gaan staan, te vertellen wat hij of zij kan en hulp aan te bieden aan iemand die kennis nodig heeft. Leraren vinden het vaak eng om te zeggen dat ze ergens goed of beter dan anderen in zijn.
  2. Er is een groep leraren die wel graag wil delen. Zij kloppen aan bij leidinggevenden, die vaak ook opleidingen hebben betaald. Die vinden dat aan de ene kant vaak fijn, maar op het moment dat het gaat om delen naar een andere school wordt het ervaren alsof de leraar in kwestie wordt onttrokken aan het primaire proces. Voor je het weet komen er meer met een vergelijkbare wens. Dat zet de bezetting van de groepen onder druk. In het ergste geval krijg je scheefgroei in de verhouding formatie voor de groep en formatie ter ondersteuning van de groep. Mogelijk risico is grotere klassen en daar is momenteel veel discussie over. Dus we kiezen er eigenlijk voor om het binnen de eigen school te houden.

 

Om het eerste element te lijf te gaan wil Boerma werken aan het creëren van een soort beroepstrots. “Het moet mooi zijn in het onderwijs om goede ideeën te delen. Mensen mogen daar best voor openstaan. Eigenlijk gaat het ook om een verandering van attitude. Bovendien zijn er vaak slechts praktische bezwaren die kennisdeling in de weg staan.”

De oplossingen van Boerma en Van der Pas zijn gericht op klein beginnen, daarmee is het ook behapbaar. Het idee is dat het uitgroeit binnen een school, naar het bestuur en dan naar het samenwerkingsverband. En als het kan zou er een netwerk door heel Nederland actief moeten zijn met goede voorbeelden. Daaraan is niet alleen het verhaal verbonden, maar ook altijd iemand die het kan en wil doen. Van der Pas: “Het opschalen van de kennis moet ook klein beginnen. Stel je hebt een opleiding sociale veiligheid doorlopen, dan profiteren de kinderen in je eigen klas daarvan. Dan geeft de directeur je ruimte ook hierin ook wat voor de andere klassen te doen. Vervolgens zou het mogelijk moeten zijn om iemand in de zetten op een andere plek in de organisatie of zelfs buiten de organisatie in hetzelfde samenwerkingsverband. Daarna kun je kijken buiten hetzelfde samenwerkingsverband in dezelfde regio en dan buiten de regio op landelijk niveau. Het is maar net hoe ver je de ambitie legt om van iemand met expertise te kunnen profiteren.” Boerma vult aan: “Vaak wordt het al als een groot praktisch probleem ervaren als een leraar die bijvoorbeeld heel goed is in het verzorgen van muzieklessen, dit bij meerdere klassen gaat doen. Terwijl deze persoon dat wel het best kan. Als we de grenzen loslaten ontstaat er een heel mooi expertisenetwerk op scholen.”

 

Praktijk leert praktijk

Van der Pas en Boerma stellen dat het eigenlijk vreemd is dat er in het basisonderwijs zo weinig aandacht is voor research en development. Er zijn maar weinig besturen die op eigen initiatief investeren in onderzoek en ontwikkeling van het vak. Vaak wordt dat extern ingekocht, terwijl het in de organisatie al zit en het uit de praktijk gehaald kan worden. “We moeten af van de eenzijdige focus op het primaire proces. Natuurlijk moeten we het beste onderwijs willen geven. Maar dat kun je pas geven als je weet wat er ook allemaal te geven valt aan beste onderwijs.”

Uiteindelijk moet er natuurlijk wel gekeken worden of er door het ‘uitlenen’ van leraren vanwege hun expertise niet een te grote klas ontstaat. In het kader van passend onderwijs kun je daar wel het samenwerkingsverband bij betrekken. Dan wordt het wel ineens een veel groter plan. Van der Pas: “Het is niet onlogisch om geld voor arrangementen in te zetten voor expertise die je binnen de organisatie uitwisselt. Als jij een leraar inzet ter ondersteuning van kinderen met een hulpvraag, kun je vanuit arrangementsgelden de vervanging bekostigen.”

Van der Pas blikt hierop vooruit op de pilot van Expedu: “Het kan gebeuren dat leraren zich niet registreren omdat ze het eng vinden te zeggen dat ze ergens goed in zijn. Dan moeten we aan de cultuur wat doen. Het kan ook dat de scholen geen vraag willen stellen, dan moeten we de directeuren kritisch bevragen.” Boerma besluit: “Het maakt de betrokkenheid in de school veel groter. Mensen hebben er lol in, werken ervoor en zijn er blij mee.”

PO-Magazine

Dit artikel verscheen in PO-Magazine van april 2018. Check hier meer dat ik schreef voor Instondo.

Instagram: Even het huis opruimen. #lenteschoonmaak #groteschoonmaak #verbouwing #benb #grotestappen @deduiventoren

Even het huis opruimen. #lenteschoonmaak #groteschoonmaak #verbouwing #benb #grotestappen @deduiventoren –
Instagram: Even het huis opruimen. #lenteschoonmaak #groteschoonmaak #verbouwing #benb #grotestappen @deduiventoren
– %%text%%

Instagram: De avond valt. Kwieks zal zij de dag verzwarten.

De avond valt. Kwieks zal zij de dag verzwarten. –
Instagram: De avond valt. Kwieks zal zij de dag verzwarten.
– %%text%%

Instagram: Het gras bij de buren is helemaal niet groener.

Het gras bij de buren is helemaal niet groener. –
Instagram: Het gras bij de buren is helemaal niet groener.
– %%text%%

TIB: Blockchain: handig in de toekomst

Blockchain TIB

Blockchain, vrij vertaald ‘blokkenketen’, klinkt abstract en dat is het ook nog wel. Het is een vrij nieuwe technologie om informatie online op te slaan, te delen en te verwerken. Het systeem heeft sinds 2009 een voorzichtig bestaan opgebouwd en is vooral bekend als de achterliggende technologie van de online valuta Bitcoin.

Toch lijkt ook het onderwijs te kunnen profiteren van blockchain. Vooralsnog is dat allemaal nog in de experimentfase, ook in sectoren buiten het onderwijs. Maar het kan in de toekomst zeker voor een veiligere online omgeving, minder administratiedruk en een betere verspreiding van informatie over bijvoorbeeld voortgang van leerlingen of toetsresultaten zorgen. Er is vooral veel te winnen op veiligheid en transparantie. Een ontwikkeling om in de gaten te houden dus.

 

Wat is blockchain?

In een notendop is blockchain niet veel meer dan een informatieketen. Een zogenaamd block (of ‘blok’ vertaald naar het Nederlands) is eigenlijk een brokje met informatie. Meerdere van deze blokken zijn aan elkaar verbonden in een soort netwerk, waardoor de informatie uitbreidt tot een keten van aan elkaar gelinkte informatie. Zo’n keten kan wel of niet een verbinding aangaan met een andere informatieketen, waardoor er wel of geen toegang is tot meer informatie.

Een informatieketen is een gecontroleerde omgeving. Het is heel transparant en inzichtelijk wie er tot welke informatie toegang heeft en wat diegene ermee kan. Als een van de blocks wijzigt, is dat in de rest van de keten te merken. Iedereen die er toegang toe heeft moet de wijziging feitelijk goedkeuren. Dat maakt de omgeving heel betrouwbaar. Ook is makkelijk informatie te verstrekken aan mensen die toegang hebben tot de blockchain. Je voegt informatie toe, en iedereen kan dit direct zien.

 

Veilig, transparant en betrouwbaar

Het systeem van blockchain gaat om iets anders dan alleen puur het versturen of binnenhalen van informatie. Deze technologie maakt het mogelijk om waardes en andere inhoud toe te kennen aan bestaande informatie, zoals het aantal behaalde punten van een toets of het saldo van valuta op bijvoorbeeld een (virtuele) rekening. Ook is de technologie beter te vertrouwen dan het ‘vrije’ internet dat we nu gebruiken voor de transactie van onze gegevens en die van leerlingen. Dat komt doordat alle informatie aan elkaar is gelinkt en dus precies inzichtelijk is waar welke gegevens allemaal terechtkomen. Het is vrijwel onmogelijk om resultaten te frauderen. Het veranderen van informatie heeft immers gevolgen voor de gehele keten. Overal is de informatie opgeslagen, wijzigingen worden geverifieerd. Gegevens kunnen niet zomaar worden gestolen en een bijkomstig voordeel is dat informatie ook nooit meer kwijt kan raken. Informatie in blockchain opslaan kan, als dit goed gebeurt en beter uitontwikkeld wordt, veel administratielast schelen.

Blockchain TIB

Informatie kan door bijvoorbeeld een leraar met specifieke personen gedeeld worden. Het werkt inzichtelijk. Er zijn geen centrale personen, databanken of wat dan ook nodig, om toestemming te geven voor het uitwisselen van informatie. Dit biedt een aantal mogelijkheden voor zowel leerkrachten als leerlingen. Met name de veiligheid, transparantie en de betrouwbaarheid zijn belangrijke elementen voor het onderwijs. Naar verwachting zal hierop worden doorgebouwd in de nabije toekomst.

Het delen van bijvoorbeeld toetsresultaten via deze technologie is veiliger, omdat het onbereikbaar is voor derden. Stel, een leerling haalt een acht voor een toets. Dan deelt de leraar deze met de leerling, de ouders en de onderwijsadministratie. Mocht de leerling willen frauderen en er een negen van maken, dan wordt de informatie pas aangepast op het moment dat alle deelnemers de wijziging hebben ‘goedgekeurd’. Een interessant zijspoor is dan ook de vraag wie de eigenaar is van de informatie. Het antwoord is in feite: iedereen die de informatie in zijn bezit heeft. In dit geval zowel de leraar en de onderwijsadministratie, als de leerling en de ouders.

 

Kan het onderwijs er meer mee?

De laatste tijd wordt in veel video’s, experimenten en bij symposia de rol beschreven die blokchain zou kunnen gaan spelen in het onderwijs. Deze technologie kan met praktisch alle soorten data overweg. Ook de programmeertaal doet niet ter zake. Dat maakt het blockchainprincipe mede zo interessant. Wel is het systeem van blockchain pas relevant als er voldoende deelnemers mee werken. Er moeten voldoende ‘eigenaars’ van informatie zijn om er werkelijk wat mee te kunnen. En dat is de reden waarom de technologie, een paar diensten zoals bij Bitcoin daargelaten, nog weinig voet aan de grond kreeg. Het lijkt dan ook niet de vraag of, maar wanneer deze technologie een bredere markt gaat veroveren.

Een nieuwe wereld ligt wat dat betreft aan onze voeten. Op het moment dat blockchain vaker gebruikt zal worden in het onderwijs, kan hierop worden doorontwikkeld. Wanneer scholen op een gegeven moment goed vertrouwen hebben in deze manier van informatievoorziening, zouden leerlingen bijvoorbeeld hun eigen (cijfer)administratie kunnen gaan bijhouden. De leraren, ouders en andere betrokkenen kunnen de informatie in de blockchain direct verifiëren dus frauderen is haast onmogelijk.

Een leerling kan bijhouden of hij bijvoorbeeld bepaalde onderdelen van de lesstof heeft gehaald. Via blockchain kan dus meteen worden ingezien of hij slaagt voor een bepaald of onderdeel in zijn geheel. Wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan kan automatisch validatie worden gegeven op bijvoorbeeld een bepaald lesprogramma of een specifieke toets. Het maakt dat de leerling flexibeler kan omgaan met de lesstof en het geeft hem meer mogelijkheid om zicht te houden op de eigen voortgang en ontwikkeling. Overigens zonder dat de praktijk in de les wezenlijk hoeft te veranderen. Maar voorlopig is het zo ver nog niet…

 

Instagram: Nog zwevend? Tel 5 naar rechts en 4 omlaag op het stembiljet 😎. #oosterhout #stemadvies #d66 #5naarrechts4omlaag @d66oosterhout #gr2018

Nog zwevend? Tel 5 naar rechts en 4 omlaag op het stembiljet 😎. #oosterhout #stemadvies #d66 #5naarrechts4omlaag @d66oosterhout #gr2018 –
Instagram: Nog zwevend? Tel 5 naar rechts en 4 omlaag op het stembiljet 😎. #oosterhout #stemadvies #d66 #5naarrechts4omlaag @d66oosterhout #gr2018
– %%text%%